Nederlandse jongeren geven aan veel waarde te hechten aan hun ‘gezond verstand’. De helft zegt er zelfs meer op te vertrouwen dan op wetenschappelijk onderzoek.

‘Een soort omgekeerde verlichting,’ noemt psycholoog Bastiaan Rutjens dat, ‘daar zijn we volgens historisch onderzoek nu al een tijd mee bezig.’ Dat het eigen onderbuikgevoel nu dus ook bij jongeren aan terrein wint ten opzichte van de wetenschap, verbaast hem dan ook nauwelijks. ‘Vooral wanneer er een term als “gezond verstand” wordt gebruikt. Daar hangt toch een soort connotatie omheen die deliberatie veronderstelt, dat je ergens goed over hebt nagedacht.’
Om dat fenomeen beter te kunnen duiden, introduceerde Rutjens onlangs de ‘Youniversalism’-schaal. Daarmee meet hij in hoeverre iemand gelooft dat de waarheid van binnenuit gevoeld kan worden, en dat wetenschappelijk bewijs dus terzijde kan worden geschoven. Hij noemt gezondheidsinfluencers die desinformatie verspreiden over zonnebrand als voorbeeld: ‘Er wordt met veel scepsis naar wetenschappelijke consensus gekeken, terwijl het “eigen gevoel” volgen juist wordt aangemoedigd.’
Ook sociale media zullen een rol spelen bij de opmars van het eigen onderbuikgevoel, verwacht Rutjens. Filterbubbels maken het ten slotte eenvoudiger dan ooit om je met gelijkgestemden te omringen. Toch ziet hij vooral de bredere, maatschappelijke tijdsgeest als belangrijkste verklaring: ‘We leven in een postmodernistisch, hyperindividueel tijdperk, waarin vertrouwen in instituties en geloof in een objectieve waarheid op losse schroeven staan. Mensen varen daarom op hun eigen gezond verstand, dat is het enige anker dat je nog hebt. Maar wanneer wetenschappelijke inzichten dan niet direct intuïtief aanvoelen, wordt het moeilijker die aan te nemen.’
Lees het hele verhaal op de site van Folia, van de Universiteit van Amsterdam.
Deel via: