De grond kan functioneren als een reusachtige batterij. Met een koude- en warmteopslagsysteem (KWO) kan men gebouwen in de zomer passief koelen en in de winter CO₂-neutraal verwarmen. Toch blijft dit enorme potentieel in België grotendeels onbenut. Onderzoekster Luka Tas (UGent) brengt daar verandering in met haar vernieuwende onzekerheidsmodel, waarmee ze de Vocatio-award won: “We gaan niet langer uit van één scenario, maar van honderden.”
“Met een KWO-systeem slaan we overtollige warmte en koude uit gebouwen tijdelijk op in de ondergrond. Er komt geen tank aan te pas. Het water zit gewoon in de natuurlijke poriën van de grond, tussen de bodemkorrels. In de zomer koelen we een gebouw door koud grondwater op te pompen. Het opgewarmde water injecteren we in een andere, ‘warme’ grondwaterzone. De grond werkt isolerend en houdt deze thermische bel vast. In de winter draaien we de rollen om: we pompen het warme water op voor de verwarming en slaan het afgekoelde water weer op voor de volgende zomer. (…)
KWO’s zijn echt bedoeld voor grote complexen zoals ziekenhuizen of kantoorgebouwen. Maar omdat de technologie nog relatief nieuw is, zijn de regelgeving en vergunningen hiervoor nog niet gestroomlijnd in België. De allergrootste drempel is onze ondergrond. In Nederland is de bodem mooi homogeen en zandig. De thermische bel verspreidt zich daar heel voorspelbaar als een cilinder rond de put. Maar op het noordoosten van Vlaanderen na is de Belgische bodem een geologisch lappendeken.”
Lees het hele verhaal op de site van de UGent, over computermodellen die voorspellen hoe groot de kans op rendement is.