Een ecosysteembenadering
De technologische energietransitie kan alleen succesvol zijn wanneer er voldoende sociale acceptatie en inclusiviteit wordt gerealiseerd, met specifieke aandacht voor de Nederlandse context en de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs.
De technologische vooruitgang is al ver gevorderd, maar de maatschappelijke inbedding blijft achter. De energietransitie is niet enkel een technische of economische verandering, maar raakt diepgewortelde routines, emoties en gedragingen van burgers. Dit maakt het proces traag en complex. Lessen uit andere sectoren, zoals de opkomst van internet en de muzieksector, laten zien dat transities alleen breed slagen wanneer oplossingen goedkoper, makkelijker en intuïtiever worden voor gebruikers.
Een voorbeeld is de snelle daling in kosten van zonnepanelen, waardoor deze steeds aantrekkelijker zijn voor burgers. Toch roepen andere maatregelen, zoals windmolens, biomassa of kernenergie, veel weerstand op. Dit komt voort uit angst, onzekerheid en verliesaversie. Mensen zijn geneigd vast te houden aan vertrouwde gewoontes, zoals koken op gas, en vrezen de gevolgen van verandering. De media en lobby’s versterken dit door negatieve frames.
Een vergelijking tussen de klimaatcrisis en de COVID-19-crisis illustreert waarom sociale acceptatie cruciaal is. Bij COVID-19 was het probleem direct, zichtbaar en levensbedreigend, waardoor burgers snel maatregelen accepteerden. Klimaatverandering daarentegen is traag, complex en niet direct voelbaar, waardoor urgentie ontbreekt. Volgens George Marshall zijn mensen vooral gemotiveerd door duidelijke vijanden en zichtbare gevaren, die bij klimaatverandering moeilijk aan te wijzen zijn.
Er is een ‘ecosysteembenadering’ nodig is: samenwerking tussen technologie, beleid, economie en sociale kennis. Creatieve voorlopers (ca. 1% van de bevolking) spelen een sleutelrol door nieuwe initiatieven te starten. Deze moeten gevolgd worden door een grotere groep volgers (9%) en uiteindelijk door de meerderheid (90%) van de samenleving. Net zoals bij de coronacrisis kan een nationaal dashboard en transparante communicatie bijdragen aan draagvlak en sociale druk.
Concreet zie ik een roadmap in drie fasen voor me:
- Het creëren van een ecosysteem van voorlopers die openstaan voor verandering en anderen inspireren.
- Het vergroten van transparantie via kennisdeling, dashboards, KPI’s (Kritieke Prestatie Indicatoren) en een sterke rol van de media.
- Het opschalen en personaliseren van oplossingen, zodat burgers hun eigen impact zien en sociale prikkels ervaren om duurzaam te handelen.
De conclusie is dat de energietransitie alleen succesvol kan zijn als technologische innovaties hand in hand gaan met sociale acceptatie. Kleine, begrijpelijke stappen en inclusieve communicatie maken de transitie intuïtief, betrouwbaar en aantrekkelijk voor burgers. Alleen zo kan binnen één generatie een fossielvrije toekomst werkelijkheid worden.