Sterke longread op de site van de KU Leuven over chronische pijn.
Naar schatting één op vier volwassenen in ons land leeft met chronische pijn. Mirakeloplossingen bestaan niet, maar er is altijd perspectief, zegt Bart Morlion, hoofd van het Leuvens Algologisch Centrum (LAC), het multidisciplinair pijncentrum van UZ Leuven.
Bijna anderhalf miljard mensen wereldwijd hebben elke dag te kampen met pijn. Koploper zijn rug- en nekklachten, maar ook andere gewrichtspijnen, hoofdpijn, pijn na kanker en zenuwpijnen zijn alomtegenwoordig. De persoonlijke tol is hoog – van cognitieve tot relationele problemen – en omdat veel patiënten niet meer in staat zijn te werken, zijn de maatschappelijke kosten van chronische pijn groter dan die van kanker, hartaandoeningen en diabetes samen.
“Vaak zijn mensen ten einde raad als ze hier aankloppen”, zegt professor Bart Morlion, hoofd van het Leuvens Algologisch Centrum (LAC), het multidisciplinair pijncentrum van UZ Leuven. “Zeker als er geen duidelijke lichamelijke oorzaak – meer – kan worden aangewezen. Gemiddeld hebben onze patiënten al vijfendertig acties ondernomen om van hun pijn af te raken. Meer dan de helft kampt met een depressie of een angststoornis. En elke week zie ik mensen die hun toevlucht nemen tot alcohol of kalmeermiddelen.”
De meest gehoorde klacht in het LAC is chronische lage rugpijn. Iedereen heeft weleens last van de rug, maar waarom blijft de een wel en de ander niet chronisch met pijn kampen? Om dat te begrijpen moet je weten hoe het pijnsysteem werkt, legt Morlion uit. “Het lichaam zit vol sensoren die prikkels doorsturen naar het ruggenmerg. Daar worden de prikkels verwerkt en via een soort poort naar het brein doorgesluisd. Normaal laat die poort enkel prikkels door die wijzen op gevaar.”
Maar als de poort wagenwijd openstaat, gaan alle prikkels ongefilterd naar het brein. “De minste prikkel – banale spierspanning bijvoorbeeld – lokt dan pijn uit. Als een brandalarm dat afgaat zonder dat er sprake is van vuur. Centrale sensitisatie noemen we die toestand waarbij de pijndrempels te laag worden en de hersenen overreageren op pijnsignalen. Bij veel chronischepijnpatiënten is dat wat er aan de hand is.”
En hoe komt dat? Door een complex samenspel van lichamelijke, psychologische en sociale factoren, zegt Morlion. “Pijn is per definitie biopsychosociaal bepaald. Eenzelfde prikkel kan verschillende pijnbelevingen uitlokken. Per ongeluk in aanraking komen met een sigaret tijdens een feestje voelt totaal anders dan wanneer iemand je op die manier doelbewust zou pijnigen. Chronische pijn kan ook ontstaan uit een bewogen levensgeschiedenis. Zeker tijdens het opgroeien is het brein heel gevoelig voor dingen die fout lopen.”
Lees de hele longread op de site van de KU Leuven.