Door de geur van een bodem op te vangen en te analyseren, kun je behoorlijk veel zeggen over de schimmels en bacteriën in die bodem – en daarmee wellicht ook iets over bodemgezondheid. Dat blijkt uit onderzoek van ecoloog Rosa Boone. Een elektronische neus voor bodemkwaliteit is daarmee een stap dichterbij.

Voor haar onderzoek sloeg de ecoloog buizen in 18 graslanden in de Ooijpolder, nabij Nijmegen. De graslanden werden allemaal gebruikt door boeren, maar onder ander beheer: de ene boer gebruikte bijvoorbeeld meer kunstmest (intensief beheer) en de andere boer boerde volledig natuurlijk (extensief beheer) – en alles daartussenin. De grote buizen bevatte gaatjes waardoor geuren naar binnen konden komen. Binnenin de grote buizen hing Boone een kleiner buisje met daaraan een pomp. ‘De pomp zoog lucht uit de bodem in het kleinere buisje waarin de geuren werden opgevangen doordat ze bleven “plakken”. Vervolgens konden we in het lab die geuren analyseren. (…)

Boeren hebben behoefte aan een analyse van de gemeenschappen die er in hun bodem zitten en willen daarvoor niet elke maand een ingewikkelde DNA-analyse hoeven doen. Een sensor die geur opvangt, is dan veel makkelijker.’

Lees het hele bericht op de site van de Radboud Universiteit en kijk het filmpje.

 

Deel via: