In politiek engagement fungeren stem en spreken vaak als metaforen voor empowerment. Stilte en zwijgen worden daarentegen juist vaak begrepen als tekenen van machteloosheid. “Doorbreek de stilte,” klinkt het overal, “verhef je stem!” Om welke dringende kwestie het ook gaat, de basisaanname lijkt te zijn: stilte en zwijgen zijn tekenen van machteloosheid, en je stem verheffen is dus emanciperend. Deze aanname heeft een lange geschiedenis, die veel te maken heeft met de rol van stem(recht) in democratisch burgerschap. Zonder stem geen macht.
Bovendien wordt de aanname nog extra versterkt door het feit dat maatschappelijke participatie zich vandaag de dag voor een groot deel afspeelt op sociale media. Dit is een medialandschap vol stemmen, waarin iedereen in theorie de mogelijkheid heeft een mening te uiten en daar een publiek voor te vinden. In deze virtuele context wordt stilte heftig gepolitiseerd. Onder het mom van “silence is violence” en “silence is compliance” is de centrale les dat je je wel móet uitspreken. Wie dat niet doet gedraagt zich onverantwoordelijk, of nog erger, is onderdeel van het probleem. In een wereld waarin zoveel nadruk ligt op de eis je uit te spreken is het niet verrassend dat steeds meer activisten en kunstenaars op zoek zijn naar manieren om aan die eis te ontsnappen.
In zijn onderzoeksproject (Veni Talent Program, NWO) voor Universiteit Leiden interviewt Gerlov van Engelenhoven, Leiden Universiteit, activisten en kunstenaars die allemaal op hun eigen manier vormen van stilte en zwijgen actief toepassen in hun praktijk: bijvoorbeeld als vorm van verzet, als pad naar solidariteit of collectieve verwerking, als retorische of pedagogische tactiek, als basis voor reflectie en luisteren, of als communicatie voorbij de taal. Activisten zetten stilte in door middel van stille protesten of sit-ins, wanneer het onrecht zo groot is dat woorden te kort schieten, en om ruimte te creëren om naar elkaar te luisteren. Kunstenaars zoeken naar beelden, bewegingsvormen, geluid en zelfs geur als alternatieve communicatiemiddelen, wanneer het onderwerp onbeschrijfelijk of onbespreekbaar is, of niet in taal maar wel in tranen of aanraking gedeeld kan worden.
Lees meer over zijn onderzoek in Jonge geesten.