Computersimulaties van astronomen van onder andere de Rijksuniversiteit Groningen laten zien dat het grootste gedeelte van de (donkere) materie in de buurt van de Melkweg in een plat vlak moet zitten. Boven en onder dit vlak zitten grote leegtes. Alleen met deze ‘platte’ massaverdeling zijn de waargenomen bewegingen van nabije sterrenstelsels en de massa’s van de Melkweg en de Andromeda-nevel goed te verklaren. Het onderzoek onder leiding van de recent gepromoveerde Ewoud Wempe en hoogleraar Amina Helmi is op 27 januari in het tijdschrift Nature Astronomy gepubliceerd.

Bijna een eeuw geleden ontdekte astronoom Edwin Hubble dat vrijwel alle sterrenstelsels van de Melkweg af bewegen. Het is een belangrijk bewijs voor de uitdijing van het heelal en voor de oerknal. Maar al in de tijd van Hubble was het duidelijk dat er uitzonderingen zijn, zo beweegt ons buurstelsel Andromeda juist met zo’n 100 kilometer per seconde naar ons toe. Sterker nog, al een halve eeuw lang vragen astronomen zich af waarom de meeste nabije sterrenstelsels – behalve Andromeda – zich keurig van ons af bewegen en niet gevoelig lijken te zijn voor de massa en dus zwaartekracht van de zogenoemde Lokale Groep (de Melkweg, het Andromeda-stelsel en tientallen kleinere sterrenstelsels).

Een internationaal team van wetenschappers onder leiding van de recent gepromoveerde Ewoud Wempe van het Groningse Kapteyn Instituut komt nu met een oplossing. Computersimulaties laten zien dat de massa van de sterrenstelsels in de Lokale Groep, inclusief de onzichtbare donkere materie eromheen, in een platte structuur zit die zich in iedere richting uitstrekt over tientallen miljoenen lichtjaren. Boven en onder deze laag zitten grote leegtes. Deze ‘oplossing’ die de computer vond komt overeen met de verdeling van de waargenomen sterrenstelsels om ons heen en de snelheden die ze hebben.

Lees het hele bericht op de site van de Rijksuniversiteit Groningen.

Gesimuleerde beweging en snelheid (aangegeven door de lengte van de pijlen) van objecten rond de Lokale Groep (in het midden van de afbeelding)
Beeld: Ewoud Wempe en collega's, RUG
Deel via: