In zijn doctoraat onderzocht VUB-onderzoeker Elias Goossens hoe planten de bodem waarin ze groeien beïnvloeden, en hoe die veranderde bodem vervolgens de groei van andere planten bepaalt. Planten halen niet alleen voedingsstoffen uit de bodem, ze veranderen die ook. Via hun wortels beïnvloeden ze de chemische samenstelling van de grond, de structuur van de bodem en de gemeenschap van bacteriën, schimmels en andere micro-organismen die er leven. Die veranderingen hebben vervolgens een effect op de planten die later op dezelfde plek groeien en vormen als het ware het geheugen van de bodem.
Wetenschappers spreken van in dat verband over “plant-bodemfeedback”: een voortdurende wisselwerking tussen planten en hun leefomgeving. “Je kunt de bodem zien als een geheugen van de planten die er voordien groeiden”, zegt Goossens. “Planten laten hun sporen achter en die bepalen mee welke soorten daarna succesvol kunnen zijn.”
In het verleden werd die plant-bodemfeedback doorgaans onderzocht in laboratoriumexperimenten met één plantensoort tegelijk. Dergelijke monoculturen komen in de natuur nauwelijks voor. Graslanden bestaan uit tientallen soorten die voortdurend met elkaar concurreren en samenwerken. Goossens onderzocht daarom wat er gebeurt in echte plantengemeenschappen. De resultaten tonen aan dat experimenten met één enkele soort geen betrouwbare voorspelling geven van wat er in natuurlijke graslanden gebeurt. De interacties tussen verschillende soorten zijn veel belangrijker dan gedacht.
Opvallend is dat dominante plantensoorten in soortenrijke graslanden vaak worden afgeremd door hun eigen invloed op de bodem. Ze creëren omstandigheden die hun verdere groei bemoeilijken omdat ze ziekteverwekkers promoten in de boden, die vooral planten van dezelfde soort ziek maken. Zeldzamere soorten ondervinden daardoor positieve effecten en krijgen meer kansen, omdat die dominante soorten het slechter doen. Dat mechanisme helpt voorkomen dat één soort alle andere verdringt. “Die negatieve feedback werkt als een natuurlijke rem op dominante soorten”, zegt Goossens. “Daardoor kunnen veel verschillende plantensoorten naast elkaar blijven bestaan.”
Lees het hele bericht op de site van de VUB.