Sociale mantelzorg voor een effectieve en blijvende gedragsverandering
Dit voorjaar zat ik twee keer met een aantal mensen aan een ronde tafel tijdens een bijeenkomst van het Nationaal Burgerberaad Klimaat in Amersfoort. Het viel me op hoe inspirerend de dialoog tussen mensen kan zijn. Tegelijkertijd werd herhaaldelijk de vraag gesteld: “Wat kan ik doen als individu, als eenling?” Dat zette me aan het denken en bracht me tot het voorstel om in groepen en organisaties te handelen als mantelzorgers voor de planeet.
Laten we eerst teruggaan naar wat we gewend zijn van beleid: individuele gedragsverandering. Het uitgangspunt daarbij is dat gedragsverandering op gang komt als we beter geïnformeerd raken (weten), onze attitudes veranderen (willen), of ons beter in staat achten om bij te dragen (kunnen). Deze individuele benadering schiet echter tekort, omdat interventies zich vaak beperken tot voorlichting of campagnes. De effecten daarvan zijn meestal kortdurend en niet ingebed in sociale contexten. Net als bij goede voornemens verwateren na verloop van tijd de (licht) positieve effecten van voorlichting en campagnes op klimaatvriendelijk gedrag.
Om deze beperkingen te ondervangen, stel ik een aanvullende benadering voor die inspeelt op de sociale omgeving van het individu: sociale mantelzorg voor de planeet. Vrijwel niemand leeft los van zijn sociale omgeving. We zijn lid van een sportvereniging of hobbyclub, we ontmoeten collega’s op het werk of ouders op basisscholen, en de meesten van ons hebben enig contact met de buurt. Juist in deze bestaande netwerken schuilt een enorme kracht. Zodra we in deze netwerken iets samen ondernemen, ontstaan drie belangrijke voordelen:
- We worden vaak creatiever in wat we kunnen doen (innovatie);
- We raken geïnspireerd door zichtbare inzet van anderen (besmetting);
- In bestaande groepen en netwerken zijn de mogelijkheden voor blijvende positieve effecten groter (duurzaamheid).
Deze drie processen kunnen nog worden versterkt door groepsbeloningen of -prijzen.
Veel organisaties en informele netwerken streven al een zekere mate van klimaatvriendelijkheid na, waarbij mensen op een gegeven moment niet voor elkaar willen onderdoen (sociale vergelijking). Wanneer medewerkers binnen een organisatie betrokken worden bij nieuwe initiatieven — denk bijvoorbeeld aan een groter aanbod van vleesvervangers in de kantine — kan dit leiden tot een omslag, waarbij vleesvervangers uiteindelijk de norm worden. Daarnaast gaat het bij lunchen om zichtbaar gedrag, wat via reputatie-overwegingen mensen kan aanzetten tot klimaatvriendelijke keuzes. De effecten van gezamenlijke reputatie kunnen verder worden versterkt door moderne communicatiemiddelen (b.v. buurtapps) en groepsprijzen, bijvoorbeeld voor de ‘meest klimaatvriendelijke straat’.
Dergelijke initiatieven kunnen collectief ontwikkeld worden binnen gemeenten, organisaties, scholen, buurten en verenigingen. Ook leiders, zoals burgemeesters, kunnen trots zijn op de publieke waardering voor hun groep. Zulke initiatieven hebben vaak een blijvend effect — een waardevolle aanvulling op beleid dat zich uitsluitend richt op individuele gedragsverandering. Want je hoeft het niet alleen, als eenling, te doen, hé. Juist niet!