Ori Tavor schreef een overzicht van de historische ontwikkeling van het Chinese utopisme. Terwijl het utopisme in vroegere wetenschappelijke literatuur vaak werd afgedaan als een uitsluitend westerse traditie, heeft later onderzoek aangetoond dat discussies over de totstandkoming van een ideale samenleving een centrale rol hebben gespeeld in de Chinese intellectuele, religieuze en literaire geschiedenis.
Vanuit een historisch perspectief identificeert dit artikel vier belangrijke keerpunten in de ontwikkeling van het Chinese utopisme: (1) de opkomst van het klassieke filosofische utopisme tijdens de Periode van de Strijdende Staten en de vroege keizerlijke periode; (2) de opkomst van het millenaristische utopisme in de taoïstische en boeddhistische tradities; (3) de dynamische ontmoeting tussen de Chinese traditie en westerse modellen van anarchistische, socialistische en radicale utopieën in de late Qing-, Republikeinse en vroege communistische periodes; en (4) de diverse utopische uitingen van het post-Mao-hervormingstijdperk, waaronder dystopische literatuur, ecodorpen, herleefde confucianistische projecten en nieuwe kosmopolitische theorieën over de wereldorde.
Het artikel stelt een typologie voor van ‘grote’ en ‘kleine’ utopieën, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen grootschalige, transformatieve projecten en kleinere, lokale experimenten.
Lees het stuk in de Salon.