Hoe moeten we omgaan met de opwarmende aarde? (52)

“Dankzij de sterrenkunde hebben wij die kosmische catastrofes aardig in beeld. De planeten in ons zonnestelsel vertonen een schitterend scala aan gigantische vulkanen, magnetische stormen en loeiende orkanen. Door het broeikaseffect is het oppervlak van onze zusterplaneet Venus zo heet dat lood er zou smelten. De platen waarop onze continenten drijven, schuiven in de loop van miljoenen jaren tegen en onder elkaar, waardoor bergketens opstuwen en aardbevingen ontstaan. Hete pluimen van vloeibaar gesteente, verhit door radioactiviteit, barsten naar boven als vulkanen. Door de wisselwerking tussen oceaanstromingen, atmosfeer en landschap schommelt het klimaat, zodat ijstijden en woestijnperioden elkaar in de loop van vele tienduizenden jaren afwisselen.

Daarbuiten is nog veel meer: verzengende straling, ontploffende supernova’s, alles verslindende zwarte gaten, hitte van tientallen miljoenen graden, koude tot bij het absolute nulpunt. Beperken we ons tot het zonnestelsel, dan staat ons de ultieme ramp te wachten: het einde van de Zon. Zoals alle normale sterren is onze ster een kernfusiereactor. Daarin smelten de kernen van waterstofatomen samen tot helium. Dat levert de energie die naar buiten komt als zonneschijn. Maar over een paar miljard jaar zal de waterstofvoorraad opraken, en gaan heliumkernen fuseren. Dan wordt de lichtkracht van de Zon zo groot dat op Aarde de oceanen verdampen en met de atmosfeer in de ruimte verdwijnen.”

Lees het complete antwoord van Vincent Icke, hoogleraar theoretische Sterrenkunde aan de Universiteit Leiden, hier, naast alle 140 andere antwoorden.

Deel via: