Georganiseerde criminaliteit in Nederland laat zich moeilijk vangen in eenvoudige trends. Dat blijkt uit de zesde rapportage van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit, die op 15 januari 2026 is gepubliceerd door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC). In het onderzoek staan twee zware criminaliteitsvormen centraal: cocaïnesmokkel en liquidaties. Op basis van zestien recente opsporingsonderzoeken en een flink aantal oude zaken biedt het rapport inzicht in zowel hardnekkige patronen als opvallende veranderingen binnen de georganiseerde misdaad. Aan het onderzoek werkte Robby Roks, universitair hoofddocent Criminologie aan Erasmus School of Law, mee.

Een van de belangrijkste conclusies uit het rapport is dat er sprake is van een opmerkelijke mate van continuïteit. Ondanks maatschappelijke veranderingen, technologische ontwikkelingen en intensivering van de opsporing blijken veel kenmerken van georganiseerde criminaliteit door de tijd heen verrassend stabiel. Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat georganiseerde criminaliteit zich voortdurend aanpast. Dat geldt met name voor de cocaïnesmokkel.

Roks vertelt: “Voor het eerst in de Monitor Georganiseerde Criminaliteit hebben we ook een aantal grote liquidatiezaken onderzocht en dat was in eerdere rondes nog niet op deze manier gedaan”. De onderzoekers onderscheiden bij liquidaties een strak georganiseerde werkwijze, bestaande uit opeenvolgende fases zoals opdrachtverlening, voorbereiding, uitvoering, vlucht en nasleep. Binnen deze processen is sprake van een duidelijke rolverdeling, waarbij uitvoerende rollen vaker wisselen dan organiserende rollen.

Lees het hele bericht op de site van de Erasmus Universiteit. Daar staat ook de link naar het rapport.

Rapport over criminaliteit
Deel via: