De werkelijkheid van onze aardbol
Marx sprak over de manier waarop mensen als dingen worden ingezet om er meerwaarde (surplus) uit te extraheren. Heidegger sprak over de verdinglijking van de dingen, het ‘ter beschikking’ houden van alles dat als voorraad kan dienen om meerwaarde te scheppen en verder te verhandelen. Hayek, Friedman, Buchanan en andere kompanen van de Mont Pèlerin Society ontwierpen een economische ideologie, verkocht als wetenschappelijke theorie, onder de noemer van neoliberalisme. Zij gaven de idee van het vermarkten van alles en iedereen een aura van wetenschappelijke verstandigheid en onontkoombare werkelijkheid, en ‘verrijkten’ onze taal met begrippen als ‘transactiekosten’, ‘externe kosten’, ‘pareto optimaal’ en zo meer. Net te lastig om zomaar te bevatten en daarmee ook net te lastig om zomaar te ontmaskeren als een in zichzelf gekeerd netwerk van beweringen die zich niet laten falsificeren en daarmee de status verdienen van een geloof, niet van een harde wetenschap.
Het is deze omgang met de aarde als passieve stapeling van in te zetten bronnen die het probleem van de opwarming van de aarde onoplosbaar lijkt te maken. Niet zozeer omdat de verheerlijking van economische markten geen wetenschap is, maar omdat die verheerlijking onder het mom van ‘economische inzichten’ voorbijgaat aan alles wat er toe doet en aan alles wat zich niet in onafhankelijke variabelen berekenbaar laat maken. Om los te geraken van die nefaste, manipulatieve verhouding tot de aarde zijn twee omwentelingen nodig. Ten eerste moet het wetenschappelijke vernis van het marktfundamentalisme worden afgekrabd. Ten tweede, als helder is dat de keuzes die we maken bij het inrichten van onze economie geen wetenschappelijke maar politieke, ethische en levensbeschouwelijke keuzes zijn met verstrekkende gevolgen, kunnen we een omwenteling beproeven die het respect herstelt voor het raadselachtige dat inherent is aan de aarde als complex geheel van elektromagnetische relaties, ingebed in een universum waar we het fijne niet van weten.
Recent werk van bijvoorbeeld Robert MacFarlane (Is a River Alive?), Karen Armstrong (Sacred Nature) en Samantha Harvey (Orbital) lijkt beter in staat om de werkelijkheid van onze aardbol recht te doen dan de traditionele wetenschappelijke telramen, die niet verder komen dan het uit elkaar halen van complexe bevindingen precies door ze berekenbaar te maken. Die berekenbaarheid kan heel interessant en belangrijk zijn, maar berust altijd op een veelvoud van vooronderstellingen over de aard van de werkelijkheid die onder ogen moeten worden gezien. Dezelfde werkelijkheid kan op allerlei manieren berekenbaar worden gemaakt, met heel verschillende uitkomsten en het empirisch falsificeren van de juistheid van de gebruikte modellen is maar heel beperkt mogelijk. Omdat die falsificatie wederom vraagt om de werkelijkheid in te perken en controleerbaar te maken. Die falsificatie is intussen wel het kenmerk van echte wetenschap en het besef van de beperkingen van falsificatie is het kenmerk van de echte wetenschapper. Daarmee is het ook juist de wetenschap die het respect voor die raadselachtigheid van onze werkelijkheid bevestigt. Computerwetenschapper en filosoof Brian C. Smith laat dat mooi zien in zijn The Promise of Artificial Intelligence, waarin hij het cruciale onderscheid bespreekt tussen een oordeel en een berekening.
Om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen zijn normatieve keuzes nodig en vooral en daaraan voorafgaand respect voor de aarde als datgene waar we uit voortkomen, toe behoren en mee ten onder zullen gaan, if so.