De afgelopen vijf jaar deed promovendus Esther van den Bergh onderzoek naar het effect van licht en temperatuur op het doorschieten van sla. Ze legt uit hoe de inzichten uit haar onderzoek gebruikt kunnen worden om sla beter bestand te maken tegen klimaatverandering.
Bij sla zorgen warmere temperaturen ervoor dat de plant doorschiet: de gestreste plant wil zijn stengel zo snel mogelijk verlengen en bloemen en zaden maken. Het doorschieten heeft invloed op de smaak en daarmee de verkoopbaarheid van de plant, want de bladeren worden tijdens dit proces bitter. Om lokale slagewassen geschikt te maken voor een veranderend klimaat, kunnen verschillende wegen worden bewandeld. We zouden de huidige slavarianten beter bestand kunnen maken tegen de hitte, zodat ze niet zo snel doorschieten.
Tijdens mijn promotieonderzoek lieten we 400 eetbare en wilde slavarianten groeien op een akker in Limburg en onderzochten we hoe snel ze doorschoten. Door het DNA van deze slavarianten in kaart te brengen en te bekijken hoe snel ze doorschoten, konden we verschillende delen van het DNA aanwijzen die altijd aanwezig waren bij de exemplaren die vroeg doorschoten.
Vervolgens deden we een studie in een klimaatgeregelde ruimte om dieper in deze DNA-delen te duiken. In deze ruimte kunnen we de sla laten doorschieten door de planten meer uren licht per dag te geven en de temperatuur te verhogen. Niet alle delen van het DNA zijn continu ‘aan’. Aangezien we de sla kunnen laten doorschieten wanneer we dat willen, kunnen we vervolgens zien welke delen van het DNA actief zijn tijdens het doorschieten. Zo kregen we meer inzicht in welke delen van het DNA belangrijk zijn in dit proces.
Lees het hele verslag op de site van de Universiteit Utrecht.