Het gebruik van generatieve artificiële intelligentie (AI) neemt in Nederland snel toe. Van de volwassen Nederlanders maakt 65% inmiddels gebruik van deze technologie, blijkt uit een survey van het Centrum voor Digitale Inclusie van de Universiteit Twente. Het gebruik is echter ongelijk verdeeld. Niet alleen verschillen groepen sterk in of ze AI gebruiken, ook de ervaren positieve en negatieve effecten lopen uiteen. Ouderen, lager opgeleiden en mensen met minder economisch, sociaal of cultureel kapitaal maken minder gebruik van generatieve AI, en wanneer zij het wel gebruiken profiteren ze er minder van.
“Omdat generatieve AI steeds vaker wordt ingezet voor bijvoorbeeld werk, onderwijs, gezondheidsinformatie en toegang tot (publieke) diensten, kunnen deze ongelijkheden zich vertalen naar groeiende maatschappelijke en economische achterstand. Wie de vaardigheden heeft om generatieve AI effectief te gebruiken, krijgt sneller toegang tot informatie, kansen en voorzieningen; wie de vaardigheden onvoldoende beheerst of geen gebruik wil maken, mist nieuwe mogelijkheden en loopt een groter risico op negatieve ervaringen”, aldus Alexander van Deursen, hoogleraar digitale ongelijkheid aan de Universiteit Twente.
Er zijn grote voordelen (beter begrip van wetten en medische informatie) en nadelen: oplichters worden ook slimmer. Het onderzoek doet beleidsaanbevelingen: “Zonder aanvullend beleid dreigt de technologie vooral voordelen op te leveren voor groepen die al digitaal vooroplopen, terwijl anderen verder achterblijven of juist extra risico’s lopen. Beleidsmaatregelen zouden zich moeten richten op het versterken van digitale vaardigheden, het stimuleren van toegankelijke en gebruiksvriendelijke AI-toepassingen en het bieden van heldere communicatie over zowel de mogelijkheden als de beperkingen van AI.
Lees het hele bericht op de site van de UTwente.