Onderzoek naar de werking van bliksem bleef lange tijd beperkt. Brian Hare en zijn collega’s (Kapteyn Instituut, Faculty of Science and Engineering, Groningen) zorgen voor belangrijke doorbraken in bliksemonderzoek door gebruik te maken van LOFAR, de grote radiotelescoop van ASTRON.
Na zijn promotieonderzoek kwam Hare in 2017 naar Groningen, waar hij in dienst kwam van hoogleraar natuurkunde Olaf Scholten. Hare: ‘Professor Scholten had destijds een bijzonder idee: hij wilde LOFAR, een grote, voor astronomen ontworpen radiotelescoop met duizenden, hoofdzakelijk in Nederland geplaatste antennes, gebruiken om bliksem te bestuderen. Hij beweerde zelfs dat we met LOFAR tot op de meter nauwkeurige observaties konden realiseren.’
LOFAR is een grote verzameling eenvoudige antennes, vergelijkbaar met sprietantennes op auto’s, die radiosignalen oppikken. Elke antenne afzonderlijk verschaft weinig informatie, maar ze zijn gebundeld in stations, waarvan er veel zijn. Al die stations tezamen vormen een geavanceerde en krachtige telescoop. Hare: ‘Naarmate een bliksemschicht in de lucht groeit, geeft hij miljoenen scherpe pulsen van radiostraling af. Hoe dichter de antenne bij de bliksem staat, hoe sneller die deze straling zal oppikken. Door die aankomsttijden te meten en de juiste algoritmes te gebruiken, kunnen we precies zien waar dit signaal vandaan komt. We proberen voor zo veel mogelijk pulsen de aankomsttijden te meten. Zo kunnen we een 3D-model van alle soorten bliksemschichten maken.’
Lees het hele verhaal op de site van de RUG.