De impact van digitale infrastructuren – zoals het internet, sociale media en kunstmatige intelligentie – wordt vaak verkeerd begrepen vanwege een misplaatst mensbeeld. Omdat het recht gebaseerd is op datzelfde mensbeeld, is het recht niet goed in staat AI en de gevolgen daarvan op het leven van burgers en de samenleving adequaat te reguleren. Daarom moet het juridische paradigma fundamenteel worden herijkt, betoogt rechts- en techniekfilosoof Bart van der Sloot in zijn nieuwe boek ‘From autonomy to ambiguity: reconfiguring the legal landscape in the age of AI’.

Juridische kaders zijn doorgaans gebouwd op de aanname van het rationele, autonome individu. Maar de menselijke conditie is veel complexer; we zijn diep ambigue wezens, stelt Van der Sloot. We zijn niet alleen autonome en rationele actoren; we zijn net zo goed afhankelijk, gevormd door onbewuste motieven, emoties, gewoonten en sociale contexten. Deze aspecten worden vaak beschouwd als onze “mindere” kant die overwonnen moet worden.

In zijn boek betoogt Van der Sloot juist het tegenovergestelde: afhankelijkheid is even fundamenteel voor de menselijke conditie als autonomie, emotionele impulsen zijn even intrinsiek als rationele overwegingen, en onze identiteiten worden evenzeer gevormd door anderen en door context als door individuele keuze.

Lees het complete bericht op de site van Tilburg University, of het bericht over dit boek uit maart 2026 op Beste ID.

Boek Van der sloot
Deel via: