In België groeien jaarlijks naar schatting 17.000 kinderen op met een ouder in detentie. Toch blijven deze kinderen grotendeels onzichtbaar in beleid, rechtspraak en gevangenispraktijk. Dat blijkt uit recent academisch onderzoek van Joyce Albrecht, An-Sofie Vanhouche en Bart Claes van de Vrije Universiteit Brussel (VUB) naar de positie van kinderen van gedetineerde ouders binnen het Belgische detentiesysteem. De studie toont aan dat er tijdens de detentie weinig rekening wordt gehouden met de fundamentele rechten van kinderen van gedetineerde ouders, ondanks het feit dat zij er doorgaans een grote impact van ervaren.
Kinderen met een ouder in detentie worden geconfronteerd met uiteenlopende uitdagingen. Ze kunnen te maken krijgen met stigma, angst en intense emoties, maar ook met moeilijkheden op school of sociaal isolement. Tegelijk tonen veel van deze kinderen een opmerkelijke veerkracht. Hun noden verschillen naargelang hun situatie. Sommigen hebben behoefte aan contact met hun ouder, anderen aan steunfiguren, duidelijke informatie of juist privacy. Volgens het onderzoek hangen deze noden nauw samen met de uitoefening van hun fundamentele kinderrechten, die in deze context vaak onder druk staan. Onderzoekster Joyce Albrecht: “Kinderen hebben uiteenlopende en vaak complexe noden, omdat geen enkele situatie hetzelfde is. Een standaardaanpak volstaat niet: er is nood aan een breed aanbod van ondersteuning dat flexibel en op maat kan worden ingezet. En minstens even belangrijk is dat hun fundamentele rechten worden gerespecteerd.”
België ratificeerde het VN-Kinderrechtenverdrag, dat onder meer stelt dat kinderen niet mogen worden benadeeld omwille van daden van hun ouders, het belang van het kind een eerste overweging moet zijn, kinderen recht hebben op contact met hun ouder en kinderen gehoord moeten worden in beslissingen die hen raken. Toch blijkt uit de analyse dat deze rechten niet systematisch worden geïntegreerd in het strafrechtelijk en penitentiair beleid. Zo worden kinderen bijvoorbeeld niet structureel mee in rekening gebracht bij straftoemeting, zelden rechtstreeks gehoord over maatregelen die hun gezinsleven beïnvloeden en indirect getroffen door beslissingen zoals overplaatsingen of sancties tegen de ouder. Hun positie verloopt meestal via de rechten van de gedetineerde ouder, niet als autonome rechthebbenden.
Lees de complete tekst op de site van de VUB.