Havensteden, zoals Antwerpen, Venetië en Shanghai, hebben hun opgang te danken aan het water. Dat is niet zo vanzelfsprekend als het lijkt, want hoe bouw je een stad op een moeras? Architectuurhistoricus Merlijn Hurx dook in het verleden van de Lage Landen, op zoek naar de kennis die het toeliet om metropolen uit de modder te laten verrijzen.

Bouwmaterialen moesten aangevoerd worden vanuit het binnenland of van over zee. Opdrachtgevers lieten materialen winnen, transporteren en verwerken. Maar vanaf de veertiende eeuw kunnen ze dat werk uitbesteden: er ontstaat immers een echte bouwmarkt. In de Lage Landen krijg je dan heel wat handelaars en aannemers die op grote schaal kunnen leveren of bouwen.

De werkplaatsen bij de steengroeves leverden niet alleen het ruwe product, maar ook kant-­en-­klare bouwonderdelen: kruisvensters, dorpels, vloertegels enzovoort. “Die gestandaardiseerde stukken noemde men ‘algemeen huiswerk’. Het grote voordeel daarvan was dat je zo geen overtollig materiaal – en dus extra gewicht – moest vervoeren”, schetst Hurx. “Er was ook al sprake van ‘prefab’. De grootste ateliers boden bouwpakketten aan, bijvoorbeeld een complete set zuilen voor een kerk of het volledige metselwerk voor een stadshuis. Sommige toonaangevende ondernemingen leverden niet alleen de bouwmaterialen, maar ook de arbeiders: haast een sleutel­-op-­de­-deurprincipe, niet alleen voor huizen, maar evengoed voor kathedralen en markthallen.” Daar was ook vraag naar. “Een opdrachtgever halverwege de zestiende eeuw verwoordde het zo: hij wenste zich niet met de bouw te bemoeien, op de financiering na.”

Op de middeleeuwse bouwmarkt ging het er al vrij ‘kapitalistisch’ aan toe, in de moderne zin van het woord. Opdrachten werden meestal openbaar aanbesteed; contracten bevatten boeteclausules voor vertraging. Prijsconcurrentie speelde een rol. Alle spelers op de bouwmarkt waren voortdurend op zoek naar methodes om de kosten te drukken – goedkopere arbeidskrachten inhuren op het platteland bijvoorbeeld. Maar het leidde ook tot innovatie in de bouwtechnieken, aldus Hurx. “Je ziet dat werkprocessen worden gemechaniseerd, door verschillende uitvindingen: allerlei soorten pompen en werktuigen om aarde uit te graven en te verplaatsen, maar ook zaagmolens, stellingen en machines om steen te polijsten.”

Lees de hele longread op de site van de KU Leuven.

Octrooi-aanvraag uit de late Middeleeuwen
Illustratie bij de octrooiaanvraag voor de windzaagmolen die werd bedacht door timmerman en molenmaker Cornelis Cornelisz van Uitgeest. Deze uitvinding zorgde voor een drastische verhoging van de productie, en de planken werden nauwkeuriger en gelijkmatiger gezaagd dan voordien. Een voorbeeld van hoe technologische innovatie bijdroeg tot het bouwen in de delta’s. © Uit: Resoluties van de Staten van Holland, 1593. Nationaal Archief Den Haag (foto Merlijn Hurx)
Deel via: