Robots en mensen kunnen beter communiceren als ze leren van elkaars taalgebruik, blijkt uit onderzoek van computationeel linguïst Jaap Kruijt. Toch ontwikkelen mens en robot minder snel een eigen ‘taaltje’ dan mensen onderling, al wordt de communicatie wél effectiever.
“Om dit te onderzoeken is het nodig dat mens en robot langere tijd met elkaar praten,” aldus Kruijt. Daarom ontwikkelde hij met collega’s een experimentele methode waarbij een robot en een mens samen een spel spelen. “Het spel lijkt een beetje op ‘Wie is het?’ of ‘Zoek de verschillen’,” legt hij uit. “Deelnemers praten met de robot over wie ze zien op hun plaatjes. Zo worden ze gestimuleerd om personen te beschrijven en referenties te gebruiken.” Aan de hand van deze gesprekken onderzocht Kruijt hoe de manier van verwijzen naar personen in de loop van het spel veranderde. “We wilden weten of die referenties korter, persoonlijker en efficiënter worden naarmate de interactie vordert – zoals dat bij mensen onderling gebeurt.”
Lees het hele bericht op de site van de VU.
